Wat is de invloed van melk op jouw hormoonbalans?

‘Melk is goed voor elk!’ is een bekende uitspraak in Nederland. De laatste tijd zijn er echter twijfels of melk en andere zuivelproducten wel echt zo goed voor je zijn vanwege de grote hoeveelheid hormonen die ze zouden bevatten. Het is niet geheel duidelijk in hoeverre deze concentraties eigenlijk de normale hormoonbalans kunnen verstoren. Time to find out!

(Omdat het een van de eerste posts is, alle cijfertjes achter de titels staan voor de bronnen die gebruikt zijn, die je onderaan kunt vinden)

Om te beginnen: een paar feitjes over melk (1,2)

Vorig jaar werd er een recordhoeveelheid melk geproduceerd in Nederland, zo’n 14,3 miljard kilo. De meeste melk wordt geproduceerd door koeien van het ras Holstein-Friesians*. Deze koeien produceren gemiddeld 8500 liter melk per jaar. In Europa gaat ongeveer 97% van de melk naar bedrijven die het verwerken tot kaas, boter, yoghurt etc. In de Nederlandse supermarkten zijn vaak verschillende soorten melk te koop: magere melk, halfvolle melk en volle melk. Het verschil zit in het vetpercentage dat de melk bevat. Magere melk bevat minder dan 0.5% vet, halfvolle melk ±1,5% vet en volle melk 3-4%.

De 4 belangrijkste hormonen in melk

Prolactine (3-5)

Prolactine is een hormoon opgebouwd uit aminozuren (de bouwstenen voor eiwitten). De hypofyse, een hormoon producerende klier in de hersenen, maakt prolactine. Mannen en vrouwen hebben normaal gezien dezelfde (lage) concentraties van prolactine in het bloed. Vooral zwangere vrouwen krijgen te maken met hoge concentraties prolactine om de borstvoeding op gang te brengen. Een klein deel van de prolactine komt ook in de borstvoeding zelf terecht.

In koeienmelk zit ongeveer 15 nanogram prolactine per milliliter (ng/mL). Ter vergelijking in borstvoeding zit tussen de 24-150 ng/mL prolactine (dus tot wel 10x zoveel!). Wat is de functie van prolactine in moedermelk? Prolactine helpt met het opnemen van vocht en voedingsstoffen, zoals calcium, in de darmen van baby’s. Bij volwassenen heeft het mogelijk dezelfde functie, maar hier is niet genoeg onderzoek naar gedaan. Echter, waarschijnlijk wordt de meeste prolactine gewoon afgebroken in onze darmen tot aminozuren en komt helemaal niet in het bloed terecht.

Prolactine zit dus wel in melk,  niet in zeer hoge concentraties, maar heeft waarschijnlijk niet veel invloed op jouw eigen hormoonbalans, omdat het meeste wordt afgebroken in de darm.

Oestrogeen & progesteron (5-10)

Oestrogeen en progesteron zijn het meest bekend als dé vrouwelijke hormonen vanwege hun belangrijke functies in de menstruatie cyclus en de zwangerschap. Mannen hebben beide hormonen ook, maar wel in veel lagere concentraties.

Er zijn drie vormen van oestrogeen: oestron, oestradiol en … Oestradiol is de meeste actieve vorm. In melk zit vaak maar een lage concentratie van oestradiol. Echter, melk bevat wel hoge concentraties van oestron, de zwakkere vorm van oestradiol.  De biologische activiteit van oestron wordt vooral bepaald door de omzetting van oestron naar het actieve oestradiol. In korte tijd heel veel melk drinken leidt tot een korte stijging van vooral oestron in je bloed. Dit werd aangetoond in een studie waar mannen gemiddeld 1 liter volle melk moesten wegwerken in 10 minuten (!). Op de lange termijn lijkt elke dag melk drinken echter niet tot verhoogde oestradiol concentraties in het bloed. Zo werd voor 18 maanden lang elke dag een halve liter melk (halfvol of vol naar keuze) afgeleverd bij een groep jonge meisjes en werden verschillende hormonen gemeten. Deze resultaten werden vervolgens vergeleken met een vergelijkbare groep meisjes die niet elke dag melk had gedronken. In beide groepen was het oestradiol gehalte in het bloed over de 18 maanden gelijk. Aangezien oestrogenen vooral belangrijk zijn in de menstruele cyclus is in sommige studies ook gekeken naar het effect van melk drinken op deze cyclus. Bij de meeste vrouwen worden geen veranderingen gezien als zij meer melk gaan drinken. Normale hoeveelheden melk lijken dus de normale balans van oestrogenen niet te verstoren, behalve als je enorme hoeveelheden naar binnen weet te werken…

De concentratie van progesteron in melk blijkt afhankelijk te zijn van het vetpercentage van de melk. Magere melk bevat weinig progesteron, terwijl slagroom (>30% vet) juist hoge concentraties progesteron bevat. In cijfers, halfvolle melk met vetpercentage van ongeveer 1,5% bevat ongeveer 3 ng/mL, dus 600 nanogram per 200 ml melk. In de anticonceptiepil (combinatie van oestrogeen en progesteron) die veel vrouwen gebruiken zit 100 microgram progesteron, oftewel 100.000 nanogram progesteron. Hiervoor moet je dus 167 glazen melk drinken in één keer. Progesteron moet in hoge dosering in de anticonceptiepil zitten om effect te hebben, want veel progesteron wordt door de lever weggevangen zodra het in het bloed komt. De kleine hoeveelheid progesteron in halfvolle melk lijkt dus vrij onschuldig, zeker omdat de lever hier waarschijnlijk ook nog veel van wegvangt.

Groeihormonen (5,8,11-15)

In melk zit vooral het aan groeihormoon gerelateerde hormoon: insuline-like growth factor – 1 (IGF-1). Normale IGF-1 productie wordt op gang gebracht door de aanwezigheid van groeihormoon in het lichaam. IGF-1 kan net als groeihormoon de groei stimuleren en is essentieel voor een normale groei en bot ontwikkeling. Zodoende is de concentratie IGF-1 ook het hoogst in de pubertijd om te zorgen dat je die groeispurt krijgt (of kreeg..) en sterke botten. Melk drinken kan leiden tot een verhoogde concentratie van IGF-1 in het bloed, zo toonde de eerder genoemde studie van de meisjes die voor 18 maanden een halve liter melk dronken. Alhoewel wordt gedacht dat IGF-1 uit melk voor een groot deel wordt afgebroken in de darm, komt er waarschijnlijk toch ook iets in het bloed. IGF-1 kan een deel van de positieve effecten van melk verklaren, je wordt er langer van en je krijgt er sterkere botten van. IGF-1 kan wel ook zorgen dat minder cellen doodgaan. Juist een goede eigenschap zou je zeggen, maar slechte cellen gaan zo misschien ook niet dood. Veel IGF-1 kan dus misschien de kans op kanker verhogen. In de literatuur is tot nog toe een zwakke associatie gevonden tussen kanker en zuivelconsumptie. Op dit moment worden er meer studies uitgevoerd om te kijken of er daadwerkelijk een associatie bestaat tussen het drinken van melk, het vetpercentage van de melk en het meer voorkomen van bepaalde vormen van kanker. Dus, IGF-1 in melk heeft positieve effecten vooral voor groei op puber leeftijd en voor bot ontwikkeling het hele leven door. Grote hoeveelheden IGF-1 kunnen mogelijk schadelijk zijn, maar de vraag is wel hoeveel van de IGF-1 uit melk het bloed daadwerkelijk bereikt. Meer onderzoek is hiervoor nodig.

Conclusie

In zuivelproducten zitten verschillende hormonen. De meeste hormonen hebben een relatief lage concentratie, maar de concentratie van de hormonen, met name progesteron, lijkt gerelateerd aan het vetpercentage van de melk. Hoe hoger het vetpercentage, hoe meer hormonen. De hormonen uit melk dragen bij aan de positieve effecten van melk: langer worden en sterkere botten. In de meeste gevallen moet je erg veel melk en zuivelproducten consumeren om hoge concentraties van de hormonen in je bloed te krijgen en de normale hormoonbalans te verstoren. Dus, drink melk voor sterke botten, maar overdrijf het niet. De aanbeveling van het voedingscentrum 2-3 eenheden zuivel per dag (een glas melk, boterham met kaas, etc.) is een goede richtlijn.

* In meest genoemde studies zijn de hormoonconcentraties gemeten in melk van de Holstein koe.

  1. Holstein-Friesians [Internet]. [cited 2017 Sep 5]. Available from: http://www.koe-info3.simpsite.nl/Holstein-Friesians
  2. Eurostat. Milk and milk product statistics – Statistics Explained [Internet]. [cited 2017 Sep 5]. Available from: http://ec.europa.eu/eurostat/statistics-explained/index.php/Milk_and_milk_product_statistics
  3. Gonnella PA, Harmatz P, Walker WA. Prolactin is transported across the epithelium of the jejunum and ileum of the suckling rat. J Cell Physiol [Internet]. 1989 Jul [cited 2017 Sep 5];140(1):138–49. Available from: http://doi.wiley.com/10.1002/jcp.1041400117
  4. Charoenphandhu N, Krishnamra N. Prolactin is an important regulator of intestinal calcium transport. Can J Physiol Pharmacol [Internet]. 2007 Jun [cited 2017 Sep 5];85(6):569–81. Available from: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/17823618
  5. Malekinejad H, Rezabakhsh A. Hormones in Dairy Foods and Their Impact on Public Health – A Narrative Review Article. Iran J Public Health [Internet]. Tehran University of Medical Sciences; 2015 Jun [cited 2017 Sep 5];44(6):742–58. Available from: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/26258087
  6. Gilman AR, Buckett W, Son WY, Lefebvre J, Mahfoudh AM, Dahan MH. The relationship between fat and progesterone, estradiol, and chorionic gonadotropin levels in Quebec cow’s milk. J Assist Reprod Genet [Internet]. 2017 Aug 24 [cited 2017 Sep 5]; Available from: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/28840413
  7. Maxson WS, Hargrove JT. Bioavailability of oral micronized progesterone. Fertil Steril [Internet]. 1985 Nov [cited 2017 Sep 5];44(5):622–6. Available from: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/4054341
  8. Cadogan J, Eastell R, Jones N, Barker ME. Milk intake and bone mineral acquisition in adolescent girls: randomised, controlled intervention trial. BMJ [Internet]. BMJ Publishing Group; 1997 Nov 15 [cited 2017 Sep 5];315(7118):1255–60. Available from: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/9390050
  9. Maruyama K, Oshima T, Ohyama K. Exposure to exogenous estrogen through intake of commercial milk produced from pregnant cows. Pediatr Int [Internet]. Blackwell Publishing Asia; 2010 Feb 1 [cited 2017 Sep 5];52(1):33–8. Available from: http://doi.wiley.com/10.1111/j.1442-200X.2009.02890.x
  10. Koldovský O. Hormones in Milk. Vitam Horm [Internet]. 1995 [cited 2017 Sep 5];50(C):77–149. Available from: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/3524354
  11. Okada T. Effect of cow milk consumption on longitudinal height gain in children. Am J Clin Nutr [Internet]. American Society for Nutrition; 2004 Oct 1 [cited 2017 Sep 5];80(4):1088-9-90. Available from: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/15447933
  12. Bonjour J-P. The dietary protein, IGF-I, skeletal health axis. Horm Mol Biol Clin Investig [Internet]. 2016 Jan 1 [cited 2017 Sep 5];28(1):39–53. Available from: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/26985688
  13. Frystyk J, Skjaerbaek C, Vestbo E, Fisker S, Orskov H. Circulating levels of free insulin-like growth factors in obese subjects: the impact of type 2 diabetes. Diabetes Metab Res Rev [Internet]. [cited 2017 Sep 5];15(5):314–22. Available from: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/10585616
  14. Yumie Takata. Dairy intake and cancer risk: focusing on dairy fat content … – Approved Projects – The Cancer Data Access System [Internet]. [cited 2017 Sep 5]. Available from: https://biometry.nci.nih.gov/cdas/approved-projects/1352/
  15. Moorman PG, Terry PD. Consumption of dairy products and the risk of breast cancer: a review of the literature. Am J Clin Nutr [Internet]. American Society for Nutrition; 2004 Jul 1 [cited 2017 Sep 5];80(1):5–14. Available from: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/15213021

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s